Dossier verpotten

de do's & dont's: een handleiding

door daan schrauwen

"Verpotten moet en mag enkel in de lente, toch?" Apekool.

Het is een hardnekkige mythe die ik graag de wereld uit help. Verpotten doe je wanneer je groene huisgenoot het nodig heeft, basta. Oké , maar wanneer is dat dan precies?

1. Groeipijnen

De meest voorkomende reden is dat zijn wortels niet meer genoeg plaats hebben in de pot en er amper nog een 'jasje' substraat omheen past.

Een jonge plant zal in de loop der jaren toenemen in volume, zowel boven als onder de aardespiegel. Het is belangrijk om het volume van de wortelkluit na te kijken en eventueel je potgrootte aan te passen.

Check ook regelmatig de gaten onderaan de kweekpot op doorgroeiende wortels. In dat geval zal je de plant uit de pot moeten tillen om de situatie te evalueren. Is de volledige kluit uit zijn voegen gebarsten, dan ga je groter oppotten. Gaat het enkel om één avontuurlijke wortelsliert, en is er voor de rest nog voldoende ruimte, dan kan je die eenvoudig wat hoger instoppen en in dezelfde pot weer oppotten. 

Dat is in negen van de tien gevallen zo als hij net van de plantenzaak komt.

De kweker zal immers zijn planten zo compact mogelijk oppotten om plaats en substraat te besparen. Ook voor transport naar de groothandel is dit economischer. De groot- en kleinhandelaars gaan vervolgens geen honderden planten staan verpotten, dat snap je wel. Bovendien is het sowieso niet de bedoeling dat een plant lang onder hun hoede blijft.

Zo sneuvelen er onderweg in de keten helaas heel wat exemplaren, want een smal opgepotte kluit betekent blootliggende wortels, ergo geen water- en voedingsbuffer, uitdroging en versterving van wortel(haren),  

Tegen dat een plant op jouw vensterbank belandt, zit hij gewoonlijk echt te krap in zijn behuizing. Dat is één van de redenen waarom je vaak na de eerste weken plots onverklaarbare problemen krijgt... én waardoor mensen zichzelf als plantenkiller gaan beschouwen. 

het eerste wat je dus moet doen bij aanschaf van een nieuwe plant, is de wortelkluit checken.

Zo nodig steek je deze in een ruimer jasje en doe je als volgt:

1. Wacht tot enkele uren of maximum een dag na de eerste gietbeurt! Dit geeft een beter zicht op de kwaliteit van het substraat en het allerbelangrijkst: het zorgt ervoor dat je zo weinig mogelijk wortelharen beschadigt. Dit zijn immers de onderdelen die water opnemen. Ze zijn erg fragiel.

Maar stel nu dat je toch wortels beschadigt, dan heeft je plant op deze manier net gedronken en alvast tijd tot aan de volgende drinkbeurt om te herstellen. Je plant gaat er minder hinder van ondervinden.

2. Zorg voor een ondergrond waarin je potgrond kan opvangen, bijvoorbeeld een grote fruitschaal of kartonnen doos.

3. Hou de kweekpot vast met één hand en duw met je andere hand zo goed als het kan de buitenkanten wat in. Zo kneed je het substraat en verkleefde wortels los.  

3. Grijp nu met je ene hand de basis van je plant beet en kantel de pot net niet helemaal ondersteboven, alsof je hem gaat uitschudden. Sommige planten komen zo vanzelf los.

5. Bij andere planten moet je punt 2. herhalen en bij punt 4. eventueel met kleine cirkelende bewegingen aan de plant trekken, alsof je met de basis van de plant een O tekent. Dat laatste doe je best enkel met verhoutte planten.

Als je plant eruit is, kijk je kritisch naar het substraat.

1. Is het standaard potgrond, zonder ruw organisch materiaal? Dan zal je moeten verluchten. Is het substraat uitgeput: zanderig, grijzig of zeer licht van kleur? Dan zal je moeten verrijken of vernieuwen. Meer hierover in dossier Potgrond.

2. Zit de plant ruim genoeg... en wat is ruim genoeg? Dat hangt af van de reële ruimte maar ook van het seizoen. Aan het begin van de winter is een dunne buffer nog wel oké, maar niet aan het begin van het groeiseizoen (meestal de lente).

Het ideale vertrekpunt net voor of tijdens de lente is volgens onderstaande verhouding:

Als de gehele inhoud van de pot 5/5de beslaat, dan mag de wortelkluit in de breedte maar 4/5de en in de de diepte maar 3/5de innemen. Wortels reiken van nature voornamelijk naar omlaag dus daar geef je idealiter meer groeiruimte.

Als wortels in de knel zitten, zullen ze naar omhoog beginnen ombuigen en in een spiraal groeien. Dit is echt nefast op termijn. 

(afbeeldingen)

Voor de minst invasieve manier van oppotten en verpotten: zie hoe doe ik het.

wat zijn nog redenen om meteen te verpotten?

Soms omdat je plant in het foute substraat werd gestopt (ahum, ook in negen van de tien gevallen als hij van de plantenzaak komt). Kwekers gebruiken universele potgrond omdat deze geschikt is als tijdelijk medium (kweken, stekken). 

[beschouwen als wegwerproduct]

Jammer genoeg weet bijna niemand dat universele potgrond, ja zélfs deze met labels 'kamerplanten', 'cactussen', etc... en te stekken of als basis voor substraat.onthoud voor eens en voor altijd: universele potgrond is geen duurzaam medium. Als je plant voor het leven wilt, maak dan je eigen substraat.  

het substraat uitgeput is of besmet geraakt met een wortelplaag. De overleving van je plant hangt hiervan af, dus je wacht er absoluut niet mee tot aan de lente.

maar is er dan niets van aan?

Kijk, onze planten hebben allemaal een eigen 'rugzakje'. Ze werden niet tegelijk aangekocht en we weten niets over de voorgeschiedenis wat betreft potgrond en verzorging. De Plantenbutler stelde speciaal voor jou bovenstaande tabel samen om uit te vogelen wat je best wanneer doet.

Maar voor je je erin verdiept nog even deze extra tips:

 

1. gebruik bij voorkeur bio of organische mest.

> Dit is beter voor het milieu wat betreft productie en bij herintroductie (kliko, gft)

> Werkt zachter en langer

> Houdt de zuurtegraad in balans

> Respecteert het bodemleven van jouw substraat (roofmijten en nematoden voor plaagbestrijding verdragen geen kunstmest)

 

2. halveer steeds de dosis en frequentie op de verpakking om de EC-waarde (mineralengehalte) van je substraat in evenwicht te houden. Een te hoge waarde blokkeert de wortelwerking of keert deze zelfs om (voedingsstoffen afgeven).

 

3. combineer geen voeding met andere kuren zoals brandnetelgier, koffiepads, bananenschillen, eierschalen. Dit werkt elkaar tegen of versterkt elkaar te fel.

 

4. als je veel planten hebt en verschillende voedingstijden, stop dan cocktailprikkers in de potten die je al gevoed hebt zodat je de tel bijhoudt

 

5. meng in een grote fles zodat je de overschot makkelijk kan bewaren (op een koele, donkere plaats)

 

6. geef bij voorkeur vloeibare mest met het gewone gietwater en giet pas als je plant dorst heeft

 

7. een algemene regel is: bloeiende planten hebben tijdens de bloei elke maand voeding nodig, niet-bloeiende planten om de twee maanden

 

8. check bij gebreksverschijnselen of andere problemen ook steeds of je niet met een plaag te maken hebt, dit kan de oorzaak zijn of gelijktijdig voorvallen met andere oorzaken

"Maar beste Plantenbutler, welk merk voeding kan je me aanraden?."

 

Het is een vraag die ik vaak krijg. Het merk is eigenlijk van ondergeschikt belang. Het voornaamste is het volgende:

 

1. Kies absoluut voor organisch of bio, geen kunstmest. Dit is beter voor de gezondheid van je plant, het bodemleven van de potgrond en ons leefmilieu.
>> Let op labels organisch, bio of "100% natuurlijke ingrediënten' of 'toegelaten in biologische landbouw'.

 

3. Voor bladplanten kies je de meest universele soort voeding. Meestal staat er iets als 'groene planten' of 'kamerplanten' op. Dit bevat zowel voor groene als voor bloeiende planten voldoende nutriënten zonder te overdrijven. Te sterk is namelijk echt schadelijk.
Voeding voor cactussen & vetplanten enerzijds en orchideeën anderzijds zijn min of meer inwisselbaar omdat ze erg mild en gelijkaardig van samenstelling zijn, Om het aantal flesjes te beperken, kan je dus tussen deze twee afwisselen. Is het flesje cactusvoeding op, kies bij de volgende aankoop eens voor orchideeënvoeding. Zo verrijk je de potgrond van cactussen en orchideeën op termijn met alle nodige nutriënten.

 

4. Wij zijn grote fan van DCM bio vloeibare plantenvoeding voor kamerplanten omdat hier niet enkel de nodige macronutriënten in opgenomen zijn maar ook goedaardige bacteriën én biostimulant. Waarom dit zo belangrijk is, lees je hier.

 

5. Is het substraat volledig uitgeput dan kan het verarmde bodemleven nog weinig aanvangen met voeding! Zoals de determineertabel onderaan dit dossier aangeeft, zal je in dat geval dus echt nieuw substraat moeten voorzien.

 

Is dat tijdelijk niet mogelijk, bv. omdat je plant net een stressperiode achter de rug heeft (plaag, verhuis, vervoer) kan je voorlopig de bovenste laag van enkele centimeters vervangen door nieuw substraat. Dit is minder ingrijpend en een prima overbrugging totdat de plant er weer wat bovenop is.

 

Combineer in dat geval wél met voeding. Fijn om te weten: substraat volgens ons receptuur in combinatie met deze voeding blijft vele malen langer actief dan universele potgrond.

 

6. Vaste meststoffen op basis van poeders, staafjes e.d. zijn meestal op basis van kunstmest! Kijk dus goed uit wat je koopt.

De DCM meststofstaafjes die wij verdelen zijn 100% bio (en uit duurzame productie). Je kan deze prima gebruiken bij planten zonder issues, die in de lente hun dosis voor twee maanden mogen krijgen.

 

In alle andere gevallen werk je best met vloeibare voeding, omdat je meer controle hebt over actie & reactie.

 

7. Voor planten op hydrocultuur is dit type voeding niet geschikt! Hiervoor heb je echt de gespecialiseerde voeding nodig die je hetzij bij elke gietbeurt, hetzij 2x per jaar dient toe te voegen.

voeding geven determineertabel cpr (1).j

klik op de afbeelding om in PDF formaat te bekijken

Nog vragen? Aarzel niet en stel ze op onze facebookpagina of via mail.

©2019 door de plantenbutler | in opdracht van Mr. H. Bouquet | btw BE0682587119 | rek.nr. BE45 9731 8234 6189

de plantenbutler® is een geregistreerd merk, alle rechten voorbehouden